addiction

De stoornissen die met het gebruik van een middel samenhangen worden onderscheiden in stoornissen in het gebruik (misbruik en afhankelijkheid) en stoornissen die een gevolg zijn van het gebruik (bijv. lallende spraak en coördinatiestoornissen).

verschijnselen van misbruik

Misbruik van een middel wordt gekenmerkt door één of meer van de volgende punten gedurende de periode van een jaar:

  • gebruik dat herhaaldelijk heeft geleid tot het verstek laten gaan op belangrijke terreinen zoals werk, school of huishouden
  • herhaaldelijk gebruik van een middel in mogelijk gevaarlijke situaties, bijvoorbeeld als deelnemer aan het verkeer, als bediener van een machine
  • herhaaldelijk in aanraking zijn geweest met de politie in verband met het gebruik, bijvoorbeeld door openbare dronkenschap of inbreken in auto's
  • doorgaan met het gebruik ondanks de duidelijk terugkerende problemen die veroorzaakt of verergerd worden door het gebruik. Dit kunnen problemen zijn op het werk, maar ook relatieproblemen of
  • ruzie met familie en vrienden.

tekenen van afhankelijkheid

Afhankelijkheid van een middel wordt gekenmerkt door drie of meer van de volgende punten binnen de periode van één jaar:

tolerantie

Wanneer je steeds meer van een middel nodig hebt om hetzelfde effect te kunnen ervaren dan is er sprake van tolerantie of gewenning. Hetzelfde is het geval natuurlijk wanneer je steeds dezelfde hoeveelheid gebruikt maar steeds minder effect bemerkt.

onthoudingsverschijnselen

Na verloop van tijd is een middel uitgewerkt en kunnen er lichamelijk en psychische verschijnselen optreden die onaangenaam zijn. Na alcoholgebruik wordt dit verschijnselen een kater genoemd maar voor andere middelen bestaat een kater net zo zeer. Wanneer je deze verschijnselen probeert tegen te gaan met dezelfde stof of met een middel dat er op lijkt is dit een teken van afhankelijkheid.

  • de stof wordt langduriger en in een grotere hoeveelheid genomen dan de bedoeling was
  • Het is toch weer laat geworden zeggen we dan, het was zo gezellig. Ik ga vanavond maar eens vroeg naar bed. Maar wanneer het zover is loopt het anders.
  • Afhankelijkheid van een middel ben je je bewust. Zonder het openlijk toe te willen geven kunnen je al langere tijd bezig zijn met het gebruik aan banden te leggen. Iemand die afhankelijk is van een middel verliest geleidelijk de interesse in andere dingen dan het gebruiken van het middel. Zo kom je er niet meer toe te sporten, tijd voor hobby schiet er bij in. Bij alcoholafhankelijkheid is wel opgemerkt hoe lang werk nog volgehouden kan worden. Voor veel alcoholisten is de enige druk van buitenaf die invloed heeft de ontzegging van werk en inkomen. Relaties mogen kapot gaan. Laat je als partner niet in de luren leggen. Het gebruik gaat door ondanks dat de gebruiker weet dat het een ongunstig effect heeft op lichamelijke of psychische klachten die waarschijnlijk het gevolg zijn van het gebruik

Wanneer je doorgaat met drinken terwijl het duidelijk is dat door het vele drinken je maagslijmvlies of je lever is aangetast dan is er ook vrijwel zeker sprake van afhankelijkheid. Cocaïnegebruik kan ernstige depressies veroorzaken. Doorgaan met gebruik ondanks aanhoudende somberheid en andere tekenen van depressie kan wijzen op afhankelijkheid van cocaïne.

verschijnselen ten gevolge van gebruik

De verschijnselen die optreden wanneer iemand onder invloed is van een middel zijn per middel verschillend. Zo is het ook met de onthoudingsverschijnselen en alle andere stoornissen die kunnen optreden ten gevolge van het misbruik. In het algemeen kan gevreesd worden voor intoxicatie(vergiftiging)-verschijnselen, onthoudingsverschijnselen, bewustzijnstoornissen met verwardheid en onrust (delirium), geheugenproblemen (tot en met dementie), psychotische stoornissen, stemmingsstoornissen, angststoornissen, seksuele stoornissen en slaapstoornissen. Zij zullen bij de betreffende stoffen telkens aan de orde komen.

Achtergrond

Misbruik en afhankelijkheid van middelen komen veel voor. Alcoholisme, een verzamelwoord voor alcoholmisbruik en afhankelijkheid van alcohol, komt voor tussen de 10 en 15 procent van de bevolking. Misbruik en afhankelijkheid van andere middelen in ruim 6 procent. Alcohol en sigaretten worden het meest gebruikt. Daarna volgen marihuana-, hasjiesj- en cocaïnegebruik. Misbruik en afhankelijkheid komt meer voor bij mannen dan bij vrouwen, al is dat voor alcohol geen erg groot verschil. Onder werkelozen en minderheidsgroepen in de bevolking komt misbruik en afhankelijkheid meer voor. Mensen met een medische opleiding vormen een bijzondere risicogroep, mogelijk omdat zij relatief gemakkelijker toegang hebben tot verboden middelen.

Uit onderzoek is gebleken dat bij ongeveer driekwart van de mensen die aan middelenmisbruik of -afhankelijkheid lijden er tevens een andere psychiatrische stoornis kan worden vastgesteld. Niet alleen kan iemand een stoornis hebben in het gebruik van twee of meer middelen, er is vaak ook sprake van een persoonlijkheidsstoornis, een angststoornis, een depressieve stoornis of andere stemmingsstoornis. Hoe gevaarlijker het middel hoe vaker er een tweede diagnose gesteld kan worden. Bij afhankelijkheid van heroïne is de kans op een ernstige tweede diagnose groter dan bij gebruik van marihuana.

Behandeling

De behandeling van middelenmisbruik en -afhankelijkheid verschilt van het ene middel tot het andere maar ook het patroon van misbruik, de behulpzaamheid van de naasten en familieleden om de patiënt te helpen, controle te krijgen over zijn of haar gebruik, is van invloed op de keuze van therapie. Gespecialiseerde hulp is nodig om hierover goed te kunnen adviseren.

Doel van de behandeling is als het goed is: stoppen met het gebruik van het middel. Vervolgens zal gewerkt moeten worden aan een verbetering in het functioneren. Vaak is er door langdurig misbruik grote schade aangericht in de naaste omgeving van de patiënt. Voordat iemand de hulp zoekt is er al veel goodwill verloren gegaan. Wanneer er hulp gezocht is weet de verslaafde vaak niet wat die hulp dan in moet houden en blijkt dat inmenging van buitenaf heel moeilijk verdragen wordt.

Vaak is een korte opname aanbevolen omdat er dan onderzocht kan worden of er sprake is van een tweede psychiatrische stoornis. De dubbele diagnose vereist vanzelfsprekend speciale zorg en behandeling. Voorlichting over de gevolgen van misbruik van alcohol en andere middelen vormt een vast bestanddeel van iedere behandeling. Enerzijds kan er een afschrikwekkend effect van uitgaan, anderzijds is gedegen kennis van zaken en gebruik van gezond verstand de voornaamste pijler van elke behandeling. Er zijn afkickcentra waar iemand de eerste fase van een behandeling kan verblijven of dagelijks kan komen voor evaluatie.

Psychotherapie kan een ondersteuning bieden bij afhankelijkheid van middelen, evenals deelname aan zelfhulpgroepen, zoals Anonieme Alcoholisten (AA). Vaak is er sprake van een combinatie van beide. De indruk bestaat dat langdurig misbruik en afhankelijkheid het gevoel van eigenwaarde hebben ondermijnd. Dit is voorstelbaar wanneer je bedenkt dat elke dag waarop je je voorneemt te stoppen en het niet lukt een bron van teleurstelling in jezelf is.

Psychotherapeutisch wordt meestal uitgegaan van de veronderstelling dat het middelenmisbruik voor de patiënt op een bepaalde manier en gedurende een bepaalde periode als onmisbaar werd ervaren, subjectief kennelijk nodig was. Het misbruik maakte deel uit van de overlevingsstrategie, al of niet in de vorm van afweermechanismen die ieder mens nodig heeft om met moeilijke en beangstigende situaties om te gaan. Aan de behandeling zal dus ook altijd een aspect zitten van het aanleren van nieuwe strategieën. Indien de eerste afkickverschijnselen onder controle zijn treedt er een moeilijke periode in die vaak als leeg ervaren wordt. Vele patiënten zullen geneigd zijn te denken dat nu het gebruik gestopt is alle problemen verdwenen zijn. De neiging tot terugval in het misbruik blijft langdurig bestaan en soms is naast psychosociale ondersteuning een onderhoudsbehandeling van jaren nodig, bijvoorbeeld met naltrexon.

De medicamenteuze behandeling van middelenmisbruik en afhankelijkheid verschilt van het ene middel tot het andere. Zonder een intensieve vorm van therapie en psychosociale ondersteuning is de kans van slagen zeer klein. Speciale aandacht moet ook uitgaan naar het voorkomen van terugval. Medicijnen spelen de laatste jaren een steeds belangrijker rol. Medicijnen kunnen worden ingezet bij detoxificatie (ontgiften), bij het beheersbaar krijgen van de zucht (craving of trek) naar het middel en bij het voorkomen van terugval in het misbruik. Daarnaast worden medicijnen toegepast bij het bestrijden van de onthoudingsverschijnselen wanneer iemand stopt met het gebruik. Het stoppen kan bij de meeste middelen het beste in overleg met een deskundige gebeuren. Aan plotseling stoppen kunnen gevaren kleven door heftige onthoudingsverschijnselen. Zowel de lichamelijke als psychische onthoudingsverschijnselen behoeven soms klinische observatie. Alle medicijnen bij de behandeling van afhankelijkheid kunnen bijwerkingen hebben. Speciale voorzorg is geboden bij mensen die een stoornis hebben in de functie van de lever of de nieren aangezien deze organen vaak bij de afbraak en uitscheiding van het geneesmiddel betrokken zijn.